Wetgeving

BESCHERMD

In juni 2014 is de wolf in Nederland aangewezen als beschermde inheemse diersoort (Staatscourant 18306). Op grond van artikelen 3.5 en 3.6 van de Wet natuurbescherming is het verboden om in het wild levende wolven in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te doden, te vangen of te verstoren. Verder is het verboden om de voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van deze dieren te beschadigen of te vernielen. Daarnaast geldt er een verbod om uit het wild afkomstige wolven, dood of levend, onder zich te hebben. Op grond van artikel 7.8 van de Wet natuurbescherming is de Nederlandse strafwet van toepassing op eenieder die zich in de exclusieve economische zone schuldig maakt aan overtreding van regels gesteld bij of krachtens de artikelen 3.5 en 3.6 van deze wet.


CITES

Daarnaast valt de wolf onder het internationaal juridisch kader van de Convention on International Trade in Endangered Species of wild flora and fauna (CITES), de internationale overeenkomst om de handel in beschermde planten en dieren te reguleren. De wolf is opgenomen in CITES Appendix II (04/02/1977) and I (de populaties van Bhutan, India, Nepal en Pakistan – 28/06/1979). De Europese wolvenpopulaties zijn opgenomen deels in bijlage A en deels in bijlage B (Spaanse en Griekse populaties) bij de CITES-verordening.


HABITATRICHTLIJN

De wolf is aangewezen als strikt beschermde soort in het Verdrag van Bern. De wolf is voorts aangewezen als strikt beschermde soort in bijlage IV bij de Habitatrichtlijn. Ingevolge artikel 12, eerste lid, van de Habitatrichtlijn moeten lidstaten maatregelen treffen om in het wild levende wolven in hun natuurlijke verspreidingsgebied te beschermen. Die bescherming houdt in eerste instantie in dat lidstaten het opzettelijk doden of vangen van in het wild levende wolven strafbaar stellen. Daarnaast moeten zij maatregelen treffen om de gunstige staat van instandhouding van de populatie te bevorderen.


Een belangrijke beslissing van het Court of Justice of the European Union.

Een Nederlandse vertaling en een verkorte Engelse.

ARREST VAN HET HOF (Tweede kamer)

11 juni 2020 (*)

„Prejudiciële verwijzing – Instandhouding van de natuurlijke habitats en de wilde flora en fauna – Richtlijn 92/43/EEG – Artikel 12, lid 1 – Systeem van strikte bescherming van diersoorten – Bijlage IV – Canis lupus (wolf) – Artikel 16, lid 1 – Natuurlijk verspreidingsgebied – Vangst en vervoer van een in het wild levend specimen van de soort Canis lupus – Openbare veiligheid”

In zaak C‑88/19,

betreffende een verzoek om een prejudiciële beslissing krachtens artikel 267 VWEU, ingediend door de Judecătorie Zărnești (rechter in eerste aanleg Zărnești, Roemenië) bij beslissing van 15 november 2018, ingekomen bij het Hof op 7 februari 2019, in de procedure

http://curia.europa.eu/juris/document/document.jsf;jsessionid=75C9C1780E9A1900F9FB93BF3D430655?text=&docid=227306&pageIndex=0&doclang=NL&mode=req&dir=&occ=first&part=1&cid=4509278&fbclid=IwAR3i1xNA5c3LnNh8XZ-1_Kfgtk14nDKY645Q5H041J7c1eSF-hAjZtSNGXQ

Court of Justice of the European Union
PRESS RELEASE No 72/20

Court of Justice of the European Union
PRESS RELEASE No 72/20
Luxembourg, 11 June 2020
Judgment in Case C-88/19
Alianța pentru combaterea abuzurilor v TM and Others
The strict protection of animal species provided for in the Habitats Directive also extends to specimens that leave their natural habitat and stray into human settlements.
The capture and relocation of a wolf found in a village can therefore be justified only where they form the subject of a derogation adopted by the competent national authority.

https://curia.europa.eu/jcms/upload/docs/application/pdf/2020-06/cp200072en.pdf?fbclid=IwAR08QcmE4j_WwX_MkZXPOJGa86OTM5yTqar3RQa9lOWymWhPERv0wZph41c

Reacties gesloten.